U bent hier: Agentschap Ondernemen > EFRO > INTERREG > Algemene introductie

Algemene introductie - INTERREG IV

  1. De principes van Interreg IV
  2. De programma’s
  3. Voor wie bestemd?
  4. Rol van het Agentschap
  5. Hoe deelnemen aan deze programma’s?

 

1. De principes van Interreg IV

1.1 Van Interreg III naar Interreg IV

De nieuwe programma’s voor ’Europese Territoriale Samenwerking’ zijn de opvolgers van de Interreg III programma’s die gedurende de periode 2000-2006 succesvol uitgevoerd werden. Deze programma’s stimuleren en faciliteren de samenwerking rond aangelegenheden van strategisch belang of rond gemeenschappelijke problemen die een gerichte en geïntegreerde aanpak vereisen die de nationale grenzen overstijgt.

Europese Territoriale Samenwerking staat voor de periode 2007-2013 helemaal in het teken van een versnelde realisatie van de doelstellingen uit de Lissabon en Göteborg agenda’s. De nadruk ligt hierbij onder meer op:

  • het aanmoedigen van innovaties in ondernemingen, het stimuleren van het ondernemerschap en de groei van de kenniseconomie;
  • de aantrekkelijkheid en de toegankelijkheid van lidstaten, regio’s en steden te vergroten door de vervoers- en communicatie-infrastructuur te verbeteren;
  • de bescherming van het milieu en het gezamenlijk beheer van natuurlijke en technologische risico’s.

 

1.2 Drie types programma’s

Vlaanderen participeert in drie types van programma’s met elk hun eigen interventielogica en werkgebied:

  • grensoverschrijdende programma’s
  • transnationale programma’s
  • interregionale programma’s.

Deze programma’s zijn georganiseerd volgens geografisch samenhangende gebieden gekoppeld aan een eigen operationeel (meerjaren)programma.

 

1.3 Financiering

Elk programma is opgebouwd uit een beperkt aantal prioriteiten waaraan telkens een specifiek budget gekoppeld is. De grensoverschrijdende en transnationale programma’s kunnen over het algemeen tot 50% financieren van de totaal goedgekeurde projectkosten. In het geval van het Interregionaal samenwerkingsprogramma (Interreg IVC) kan dit oplopen tot 75% en 70% voor het Urbact II programma. De overige financiering wordt (aan)gedragen door de projectindieners.

Voor projecten met een economische finaliteit heeft het Agentschap Ondernemen de mogelijkheid om als co-financierder op te treden.

Terug naar boven

 

2. De programma’s

Het Agentschap Ondernemen beheert 4 grensoverschrijdende, 2 transnationale en 3 interregionale operationele (meerjaren)programma’s.

De volgende EFRO middelen zijn hiervoor beschikbaar voor de periode 2007-2013.

 

EFRO budget (in EURO)

Grensoverschrijdend (IVA)

 

Grensregio Vlaanderen-Nederland

95 miljoen

Euregio Maas-Rijn

72 miljoen

Frankrijk-Wallonië-Vlaanderen

138 miljoen

2 Zeeën

167 miljoen

 

 

Transnationaal (IVB)

 

Noordzee Regio

138 miljoen

Noordwest Europa

355 miljoen

 

 

Interregionaal

 

Interregionaal samenwerkingsprogramma (Interreg IVC)

321 miljoen

URBACT II

53 miljoen

INTERACT II

34 miljoen

 

 

In de marge vermelden wij dat Vlaanderen ook deel uitmaakt van een specifiek interregionaal programma ESPON (European Spatial Planning Observatory Network) dat verder buiten beschouwing wordt gelaten. Dit programma, ondersteunt de beleidsopmaak inzake territoriale ontwikkeling en cohesie via het verzamelen en bestuderen van territoriale gegevens en dynamieken op EU schaal.

Terug naar boven

 

3. Voor wie bestemd?

Globaal genomen richten deze programma’s zich in eerste instantie op publieke actoren.

In het kader van de grensoverschrijdende en de transnationale programma’s kunnen privé actoren (zowel profit als non-profit) die gesitueerd zijn binnen een programmagebied eveneens projectvoorstellen formuleren of deelnemen aan projecten indien deze projecten geen onmiddellijk commercieel en/of winstgevend karakter hebben. In het geval van deze groep actoren is de toekenning van EFRO-steun gebonden aan de van kracht zijnde reglementering inzake staatssteun.

In de interregionale programma’s komen enkel publieke autoriteiten of ’publiek gelijkgestelde’ instellingen/organisaties in aanmerking voor de indiening van projecten. Privé actoren met een winstoogmerk kunnen enkel deelnemen aan projecten op eigen kosten.

Terug naar boven

 

4. Rol van het Agentschap

Het Agentschap vervult de volgende rollen in het kader van deze programma’s:

  • Beheerder en nationale autoriteit voor het EFRO in Vlaanderen
  • Vertegenwoordiger van het Vlaams Gewest en medebeslisser in de monitoring en selectiecomités van de verscheidene programma’s
  • Adviesverlening en ondersteuning bij de uitwerking van projectideeën en/of projectvoorstellen
  • Potentiële co-financierder van Doelstelling 3 projecten met een economische finaliteit.

Terug naar boven

 

5. Hoe deelnemen aan deze programma’s

Grensoverschrijdende programma’s

Het Agentschap Ondernemen beheert en voert de grensoverschrijdende samenwerkingsprogramma’s uit in partnerschap met andere Europese lidstaten/regio’s en de Vlaamse provincies.

Het dagelijkse beheer van de programma’s wordt waargenomen door een centraal gemeenschappelijk secretariaat en/of een regionale antenne. In opdracht van het Vlaamse Gewest en het Agentschap Ondernemen vervullen een aantal Vlaamse provincies belangrijke uitvoerende taken in het kader van de grensoverschrijdende programma’s.

Projectvoorstellen kunnen worden ingediend hetzij bij het centraal gemeenschappelijk secretariaat hetzij bij een regionale antenne. Afhankelijk van het programma wordt er hetzij gewerkt met periodieke projectoproepen, hetzij met een systeem van continue indiening van projectvoorstellen. Een grensoverschrijdend comité beslist op basis van vooraf vastgelegde objectieve selectiecriteria over de goedkeuring van individuele projecten.

Transnationale programma’s

Het Agentschap Ondernemen beheert de transnationale samenwerkingsprogramma’s in partnerschap met andere EU lidstaten en regio’s. In het kader van de transnationale programma’s zal het Agentschap Ondernemen over een ’transnationaal’ contactpunt beschikken.

De programma’s werken met een systeem van periodieke oproepen voor de indiening van samenwerkingsvoorstellen (’calls’). Projectideeën en projectvoorstellen worden ingediend bij een centraal programmasecretariaat. Een transnationaal comité beslist op basis van vooraf vastgelegde objectieve selectiecriteria over de goedkeuring van individuele projectvoorstellen.

Interregionale programma’s

De Europese Commissie beheert en voert deze interregionale samenwerkingsprogramma’s uit in partnerschap met de EU lidstaten en –regio’s. Het Agentschap Ondernemen beheert de belangrijkste Interregionale programma’s (Interreg IVC, Urbact II, Interact) namens het Vlaams Gewest.

De programma’s werken met een systeem van periodieke oproepen voor de indiening van samenwerkingsvoorstellen (’calls’). Projectideeën en projectvoorstellen worden ingediend bij een centraal programmasecretariaat. Een interregionaal comité beslist op basis van vooraf vastgelegde objectieve selectiecriteria over de goedkeuring van individuele projectvoorstellen.

Terug naar boven

  • Nieuwsbrief
    Registeer u om onze nieuwsbrief te ontvangen.
Projectindiening